maandag 20 maart 2017

Lente

Ik weet dat de lente komt,
ik weet het nu heel zeker.
Ik weet dat de lente komt.
Waarom? Waarom? Waarom?
Wie heeft je dat verteld?

De lammetjes, de lammetjes.
Wie heeft je dat verteld?
De lammetjes in het veld.

Ik weet dat de lente komt.
Ik weet het nu heel zeker.
Ik weet dat de lente komt.
O ja? O ja? O ja?
Wie heeft je dat gezegd?

De bloemetjes, de bloemetjes.
Wie heeft je dat gezegd?
De bloemetjes langs de weg.

Ik weet dat de lente komt,
ik weet het nu heel zeker.
Ik weet dat de lente komt.
Echt waar? Echt waar? Echt waar?
Wie kwam met dat gerucht?

De vogeltjes, de vogeltjes.
Wie kwam met dat gerucht?
De vogeltjes in de lucht.
Koos Meinderts. Uit: De liedjesalmanak. Lente & zomer. Ill. Annette Fienieg. Rubinstein, 2014.

dinsdag 14 maart 2017

Denk dag doen

Optimist
Altijd ben ik te laat:
voor het eten, de les,
mijn klusjes, zodat mijn
moeder mijn bed opmaakt,
de meester zucht en ik
de aardappelen koud maak.

Hoe het komt, weet ik niet.
Ik wil heus, ik kijk op
de klok, zorg dat ik opschiet,
maak plannen en lijstjes,
leg alles vooraf klaar,
maar niemand die het ziet.

Mijn mam zegt kalm:
´Je bent een optimist,
je doet meer dan de tijd
toelaat, jij denkt dat de
wereld in een uur past en
talloos in een tel gaat.´

Nu zoek ik opgewekt
een list voor overmoed.
Daarna komt het heus goed.
Margreet Schouwenaar. Uit: Denk dag doen. Illustraties Esther Miskotte. Clavis, 2016.
Een prentenboekbundel vol nostalgische, beschouwende kindergedichten over dood en afscheid nemen, thuis zijn, zich afvragen waar woorden en wolken vandaan komen en naar toe gaan en of bomen eigenlijk ooit aan verdwalen denken.
Margreet Schouwenaar, stadsdichter van Alkmaar na Joost Zwagerman, speelt graag met woorden en afbrekingen, met veellagige betekenissen en fundamentele kindervragen. Ritme en rijm gaan her en der hun gang door de gedichten, soms voorspelbaar, op andere momenten verrassend.
De tekeningen laten een kalme, gerustsellend overzichtelijke kinderwereld vol  zachte kleuren en vormen zien, die aansluiten bij de tekst. Kat op de stoep, beer in bed, koe in de wei. Niks vernieuwends, maar een lieve, prettige voorleesbundel.

maandag 6 maart 2017

Eén gedicht is nooit genoeg

Opnieuw
Eén gedicht is nooit genoeg -
tienduizend evenmin.
Het moet opnieuw, opnieuw,
opnieuw moet iemand schrijven
hoe verliefd, verdrietig, blij
hij - steeds opnieuw moet iemand
daar woorden voor zoeken en
die moeten bij elkaar zoals
ze nog nooit hebben gestaan.

Iemand moet dit lezen.
Steeds opnieuw
voor het eerst.
Kees Spiering. Uit: Ik zoek een woord. 167 gedichten over taal om van A tot Z te verslinden. Gekozen door Hans en Monique Hagen. Illustraties Deborah van der Schaaf. Querido, 2013. 
Dit gedicht is gepubliceerd met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

maandag 27 februari 2017

Alle dieren drijven

Op een dag deed ik mijn ogen eens goed open.
Ik keek.
Ik schrok.
En ik begon te roepen.
Rommelmakers! Ruziekzoekers! Rotzooitrappers!
Fluitende speren vlogen in het rond.
Kerels als beren rolden over de grond.
Hé! Hallo... HALLO!!!
Maar niemand wilde naar me luisteren. 

'Ik wel'.

Een man met een baard.
Een man zonder angst.
Een man zonder schild.
Een man zonder zwaard!

Kun jij mij zien? vroeg ik verbaasd.
'Doet dat ertoe?'

Hij klonk eigenwijs.
Ik besloot dat ik deze man aardig vond.
Gideon Samson. Uit: Alle dieren drijven. Tekeningen Annemarie van Haeringen. Leopold, 2017. Naar: Noah und die grosse Flut, oorspronkelijk verschenen in 2017 bij Gerstenberg Verlag.
Een verademing, dit boek, na alle eerdere zondvloedboeken die ooit zijn verschenen. Geschreven en gezien vanuit God, dat was nog niet eerder gedaan. De uitgebeende teksten zijn verrukkelijk eigenzinnig en spannend en steeds net een slag verder dan waar je in gedachten gebleven was in het verhaal. Het slot is ronduit briljant. Schrijver Gideon Samson heeft echt iets moois gemaakt bij de tekeningen van Annemarie van Haeringen, die oorspronkelijk bij een Duitstalig boek horen dat voor Nederlandse begrippen al te braaf was.
Ook de tekeningen van Van Haeringen overtreffen eerdere Noachboeken. Ze zijn grappig, sfeerbepalend en verbeelden op magistrale wijze de onderliggende lagen in het bekende bijbelverhaal: de eenzaamheid, de onbegonnenheid van Noachs taak, de praktische bezwaren die al die dieren in zo'n kleine ruimte bij elkaar zouden hebben kunnen opleveren. Zitten al die vogels in kooitjes, bijvoorbeeld? Hebben de flamingo's, eenden en pinguins eigenlijk een teiltje water om in te badderen? En hoeveel poep moeten de mensen in de ark elke dag wel niet scheppen, met zulke enorme dieren als olifanten, reuzenbizons, grizzlyberen en neushoorns aan boord?
Dit boek is een serieuze kanshebber voor Woutertje Pieterse Prijs, Griffel en Penseel. 
Leeftijd: 3+

maandag 20 februari 2017

Dit is voor jou

Van alle dingen vond ik
tekenen het leukst.
Maar een vel papier
was meestal te klein.

En op straat liepen de mensen er gewoon overheen.

Eindelijk vond ik een plek waar ruimte was.
Maar toen mijn tekening bijna af was,
begon het te regenen.
Sanne te Loo. Uit: Dit is voor jou. Lemniscaat, 2017.
Het jongetje ontmoet op dat desolate industrieterrein schilder Anselmo, die hem in zijn atelier nodigt. Hij mag er tekenen en schilderen wat hij wil en helpt Anselmo bij zijn doeken.
Tot de oude man teruggaat "naar de plek waar hij ooit thuis was. 'Naar het land van de papegaaien?' vroeg ik? Anselmo knikte."
Lief verhaal over hoe generaties van elkaar kunnen leren, hoe talent ruimte en begeleiding nodig heeft, over hoe alles verandert maar soms toch ook niet. Te Loo buit haar realistische tekenstijl in dit boek uit in kleurrijke, verfijnde, warme prenten. Op een van de pagina's staat een stapel boeken afgebeeld van allerhande kunstenaars en schilders, zonder twijfel Te Loo's eigen voorbeelden en rolmodellen. 

maandag 13 februari 2017

Zot van Zee. Poëzie tussen eb en vloed.

Tij
Het stormt,
we steken scheppen in de woeste waterbek.
Dat maakt niet uit - de oceaan wordt
langzaamaan schuimend gek.
Kon hij de vloed niet aan?
Kreeg hij hoofdpijn van de maan?
Met waterige tanden
spuugt hij golven op het land:
het zand pakt alles samen,
knijpt zijn korrels tot een strand
en hoopt dat het gaat ebben.
En wij?
Wij willen nog niet gaan,
wij hebben een kasteel
om naast te blijven staan.
Edward van de Vendel. Uit: Betrap me. Querido, 1996.

Liefdeslied
Als je het gezang van een walvis
in de lente, veertien maal versnelt

hoor je een lieflijke vogel.

Bij normale snelheid klinkt
zijn liefdeslied zoals je nooit hoorde
droevig en gelukkig tegelijk.


Elke week veranderen de vissen
een kleinigheid en de volgende lente
zingen ze een totaal nieuw lied.


Mensen vingen het geluid onder water
weerkaatst door onderzeese bergen.

Zij hesen het omhoog en legden het vast

op een slap plastic plaatje dat ik vond
in een tweedehands boek.

Het was oud en de naald ruiste

maar ik hoorde het gezang
van verliefde reuzen
tussen biologisch commentaar.

Ook stuurden ze de klanken
die eeuwen diep in de zeeën
hadden geklonken hoog in de ruimte.

Over honderdduizend jaar vindt
een intelligente krekel de platina plaat.
Hij zoekt de sleutel en verstaat het

in zijn eigen digitale taal.
Hij wordt verliefd op een walvis
verdwenen in tijd en ruimte.
Remco Ekkers. Uit: Haringen in de sneeuw, Leopold, 1984. 
Bovenstaande gedichten komen uit: Zot van Zee. Poëzie tussen eb en vloed. Verzameld door Jan van Coillie, geïllustreerd door Sabien Clement, Korneel Detailleur, Esther Platteeuw, Pieter van Eenoge en Kaas Verplancke. Exclusieve uitgave van de Maatschappij van de Brugse Zeehaven, 2017.

Een verzamelbundel met gedichten over de zee als een vlammende prima donna, de duinen als ridders van zand, een storm in de afwasbak, zeemeerminnen en dansende kwalletjes geschreven door een stoet van ruim veertig dichters, waaronder grote namen als Lucebert, Guillame van der Graft, Mensje van Keulen en Hans Andreus zie je niet vaak.
Selectiecriterium van samensteller Jan van Coillie was om de allermooiste en fantasierijkste gedichten te vinden over zee en strand: "een kinderlijke blik van verwondering en bewondering"schrijft van Coillie in zijn nawoord "waardoor de zon een mannequin wordt, de zee buldert van het lachen en de blauwe kwalletjes dansen op de schitterende muziek van de zee... een taalspel... een ode aan de verbeelding."
Het resultaat is een waar feest voor liefhebbers van zowel poëzie als de zee. Gedichten gaan bondjes met elkaar aan, reageren of botsen op elkaar, nergens wordt het voorspelbaar, niks is saai of 'gewoon'. 

De dichters, waarvan velen ook of alleen maar voor kinderen schrijven, zijn prachtig bij elkaar gezocht, vaak met  oude of onbekendere gedichten die gelukkig zijn opgediept uit lang geleden uitgegeven boeken. De illlustraties door een keur van Vlaamse tekenaars zijn ronduit fantastisch. Zo moet (jeugd)poëzie zijn.
Dit is, gok ik, wat Thomas de Veen van NRC in zijn artikel  'Sorry maar kinderpoëzie moet echt beter' bedoelt. 


Helaas is het boek niet in de winkel te koop. De uitgave is bedoeld om jongeren te inspireren over het onderwerp haven en zee en om de Zeehaven van Brugge onder hun aandacht te brengen.

maandag 6 februari 2017

Ahoy. Gedichten over wilde dromen, klein geluk en groot gevoel

In de klas
Ik moet slim zijn en rustig,
aandachtig en stil.
Toch is rennen en lachen
al wat ik wil.

In mijn hoofd zingt een lied,
in mijn buik borrelt vuur.
Het zwermt uit naar mijn benen
met zo'n honderd per uur.

Als ik kon, was ik braver
dan Imen of Hans.
Maar ik kan het niet helpen
dat mijn lijf roept:

spring!
vlieg!
dans!
Reine de Pelseneer. Prenten van Ann de Bode. De Eenhoorn, 2017.
In dit boek staan bijna zestig kindergedichten in taal zonder artistieke pretenties en onderverdeeld in hoofdstukken als 'Het tintelt in mijn tenen' (over vakantie, warme zomernachten en geluk), 'Wij horen bij elkaar' (familie) en 'Aan de kant tegen de muur' (je buitengesloten voelen).
Herkenbare gebeurtenissen van alledag in duidelijke, eenvoudig rijmende verzen en met begrijpelijke, kleurige tekeningen erbij, die soms ouderwets en stijf aandoen.
Voor school en thuis, ook voor kinderen uit andere culturen dan de West-Europese.

Leeftijd 6+ 

maandag 30 januari 2017

Gewoon een droom. Droomgedichten en nachtgedachten.

Niet waar
Het was niet waar.
Ik wist het toen ik wakker werd.
De olifant die vannacht
in zacht maanlicht
een droevig deuntje trompetterde
onder mijn raam:
gewoon een droom!
Maar even later op de fiets
niets dan kuilen op het pad.
En was dat daar op de stoep
niet net wat groot
voor hondenpoep?
Linda Vogelesang. Uit: Gewoon een droom. Droomgedichten en nachtgedachten. Illustraties Marco Faasen. Querido, 2017.
De gedichten in Linda Vogelesangs debuut Gewoon een droom - voor kinderen en volwassenen herkenbare, opgewekte, dromerige observaties - zijn 
feestjes van taalplezier, ritme en binnenrijm.  Door de thematische aanpak van 'dromen' en 'nacht', ontstaat een sterke eenheid in plaats van, zoals in de meeste jeugdpoëziebundels, een losse verzameling van gedichten. Vogelesang levert ambachtelijk werk, al zou ze hier en daar de poëtische dwarrelgedachten verder mogen doortrekken. De illustraties van grafisch ontwerper en illustrator Marco Faasen, sepiakleurige foto's van collages, vormen een spannend en ongewoon beeld naast de gedichten. Maar soms zijn ze ook macaber en voor kinderen  minder geschikt. Prachtig is dan weer het ijzersterke omslag. Je wilt meteen gaan lezen.Fijn dat er - sporadisch - weer jeugdpoëzie uitkomt bij gerenommeerde uitgeverijen. 
Bovenstaand gedicht is geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido. 

maandag 23 januari 2017

Ik wil een LEEUW!

Op een dag werd Sjuul wakker.
Het was stil in huis.
En eigenlijk ook best saai.
Ineens wist hij het: hij wilde een beest.
Een huisdier.
Vandaag nog!

En hij wist precies wat voor beest...

'IK WIL EEN LEEUW!'
brulde Sjuul.
'Een leeuw met wapperende manen,
sterke kaken en scherpe klauwen.
Een leeuw om mee te stoeien
en de buurvrouw te laten schrikken.'

'Geen denken aan,' zei mama.
'Een leeuw is veel te gevaarlijk.
Die verslindt alle vogels in de tuin.
En daarna de postbode. In één hap!'

'Nee hoor, geen leeuw,' zei mama.
'Een wandelende tak mag je.
Die eet alleen blaadjes.'

Maar Sjuul wilde geen wandelende tak.
[...]
Annemarie  van der Eem. Uit: Ik wil een leeuw!. Tekeningen Mark Janssen. Lemniscaat, 2017.
Sjuul is een slim jongetje en kent zijn moeder goed. Hij vraagt haar eerst om een leeuw. Daarna zeurt hij om een nijlpaard, en een aap. Een baviaan, gorilla of orang-oetan, dat maakt hem niet uit.
Maar mama zegt steeds 'nee'.
Een geit dan? vraagt Sjuul, of desnoods een papegaai?
Grappige twist in een voorleesverhaal voor jonge kinderen, die zich vast in Sjuul zullen herkennen. Leuke tekstvondsten, al is de taal hier en daar een beetje voorspelbaar.
Opvallend aan de tekeningen in dit mooi uitgevoerde prentenboek is het zeer warme, rijke kleurgebruik. De kleuren spatten van de pagina's af en weerspiegelen steeds opnieuw de stemmingen van Sjuul.

Leeftijd: 3+

woensdag 18 januari 2017

Arme Rijk

Er was eens, in een donkergrijs verleden
een arme jongeman. Zijn naam was Rijk.
Hij woonde in een huisje langs een dijk.
en deed wat alle arme mensen deden:
hij hakte hout, hij maakte vuur, hij bakte donker brood
en waste elke week zijn vuile kleren in de sloot.
[...]
De arme Rijk was moe, hij had de  hele dag gelopen.
Daar stond hij, op een heuvel, in zijn nat geworden jas
vol ongestopte gaten en met veel te weinig knopen.
[...]
Daar zat hij, aan de koninklijke tafel.
Er werden eenden opgediend, gevuld met verse munt.
En reepjes rauwe biefstuk van de haas en van het rund.
Rijk nam een hapje gemberwortelwafel
met venkelzaad en verse mayonaise
van heggenmusseneitjes uit de koninklijke heg.
[...]
Bette Westera. Uit: Arme Rijk. Illustraties Sylvia Weve. Gottmer, 2016.
Parelender dan dit kan taal niet worden. Bette Westera is de gekroonde koningin van de hedendaagse Nederlandstalige poëzie. Veelkleurig, sprankelend en ritmisch,  nergens vervallend in clichés of voorspelbare beelden, rijgt ze haar verhaal over arme Rijk aan elkaar.
Sylvia Weve vertelt in de prenten haar eigen versie van Rijks reis door het koninkrijk, eveneens in originele, nergens voorspelbare platen en tekeningen. Dit duo kan nog jaren door zo. Rijks reis eindigt ietwat abrupt en met een duidelijke moraal. Toch eventjes voorspelbaar.