woensdag 15 juli 2015

Ik kijk boven mijn oren

Trainen
Mijn trainer
Jasper die zei:
"Schuilen, onweer!"

Maar
ik bleef
met Lars,
Jay en Robin
buiten.

En daar staan
we dan
aangebliksemd.

Alleen de
botten waren
nog over.
Dario Boersma (8 jaar). Uit: Ik kijk boven mijn oren. De mooiste gedichten van Kinderen & Poëzie 2014-2015. Illustraties van studenten van de Academie Minerva, Projectbureau/AMP. Poëziepaleis, Groningen.

Dit is het winnende gedicht van de duizenden ingestuurde gedichten van kinderen die meededen aan de jaarlijkse gedichtenwedstrijd van het Poëziepaleis. 
In dit prachtig vormgegeven boekje staan de honderd gedichten die de jury het beste vond en ze zijn soms adembenemend.
Wat denk je van: 'ik slaap in de nacht/ik ben altijd moe geweest/het regent buiten' van Robin Vink (12 jaar).
Of neem: 'Meneer Bart/U was een leuke leraar/Maar nu bent u er niet meer/U kon supergoed toneelspelen/En heel erg goed zingen/U vloog naar Kuala Lumpur/Maar stortte neer bij Oekraïne/Was u er nu nog maar/Dan had u kunnen zien hoeveel wij om u/en alle andere mensen in het vliegtuig geven' van Thierry Castelijn (11 jaar) 
Of: 'ogen mogen alles/zien wat ze willen/blote billen onderbroeken/ze mogen alles onderzoeken/ik knipper geen seconde/ik wil geen dingen missen/of horen/ik kijk boven mijn oren' van Puck van den Berg (9 jaar).
En zo gaat het maar door. Heerlijke leesstof voor de zomer.

maandag 13 juli 2015

Vrolijk dinoboek

Kees van Dijk
Er was een dinosaurus,
zijn naam was Kees van Dijk.
Hij woonde met zijn vrouw Marie
in de buurt van Waterswijk.

Ze hadden lieve kinderen,
een zoontje en een zoon.
De jongste heette Kareltje,
de oudste, dat was Toon.

's Ochtends vroeg dook het gezin
bij wijze van bad het meertje in.

'Pap, ik kan al op mijn rug!'
'En ik al op mijn buik!'

'Knap hoor, Toon en Kareltje,
zien jullie hoe ik duik!'

VIER DINOSAURUSSEN
NIKS BIJZONDERS
HEEL GEWOON
EEN VADER
EN EEN MOEDER
EEN ZOONTJE
EN EEN ZOON.
..
..
..
En als ze gingen slapen
bij de ondergaande zon
zei Kareltje: 'Vertellen pap!'
en Kees van Dijk begon

te vertellen over later
en met al wat Kees verzon,
leek het of hij heel ver
in de toekomst kijken kon.

Dat ze bergen zouden bouwen
die niet op bergen leken.
Dat er licht kwam uit die bergen
waar de maan bij zou verbleken.
Elle van Lieshout, Erik van Os. Uit: Kees van Dijk. Tekeningen Jan Jutte. Lemniscaat 2015.
Waterswijk, Kees van Dijk, Marie, Kareltje, Toon: gewonere namen bestaan niet, het zouden je buren kunnen zijn.
Je vergeet bijna dat het dinosaurussen zijn en dat is precies wat de schrijvers willen. Al zorgen de stoere tekeningen van meestertekenaar Jan Jutte er voor dat dat natuurlijk niet helemaal lukt.
Een normaal gezin dat normale gezinsdingen doet zoals zwemmen, vers vlees eten, puzzelen met botjes van hun prooidieren en verhalen vertellen.
In die verhalen toont vader Kees zich een  toekomstvoorspeller van formaat: op de tekeningen zien we flatgebouwen, vliegtuigen en zelfs ménsen.
Grappig gegeven, dat consequent wordt uitgewerkt maar hier en daar een beetje schuurt omdat een dino die Kees van Dijk heet en in Waterswijk woont lichtelijk over de top is.
Metrum, rijm en ritme kloppen overigens als een bus, laat dat aan ervaren schrijvers als Erik van Os en Elle van Lieshout over.

Leeftijd: 3+. Boekomslag met stoere poster, dat in elke kinderkamer - en zeker ook elke jongenskamer - thuishoort.

maandag 6 juli 2015

Opvrolijkvogeltje

Het is bijna middag,
en boven in de eucalyptusboom vragen de koalabroers zich af
waarom ze eigenlijk zouden moeten klimmen
en eten, en ademhalen.
Er gebeurt nooit iets bijzonders.
Er gebeurt nooit eens iets nieuws.

Maar daar komt Opvrolijkvogeltje!
Edward van de Vendel. Uit: Opvrolijkvogeltje. Illustraties Ingrid en Dieter Schubert. Lemniscaat, 2015. 
Nukkige wombats, neerslachtige koalabeertjes, sombere kangoeroes, levensmoeë emoes: het is duidelijk dat Opvrolijkvogeltje in Australie woont. De droefgeestige dieren op donkere pagina's veranderen, zodra het kleurrijke vogeltje zijn opwachting maakt, in springerige, feestvierende, schommelende zwierezwaaiers in uitbundige kleuren.
Opvrolijkvogeltje zelf wordt wel moe van al dat blij maken. Maar gelukkig, in haar nest wacht iets op haar.
Jammer dat er geen mensen bestaan in het Opvrolijkvogeltjesparadijs. 

Leeftijd: 3+

maandag 29 juni 2015

Margriet

Die stond tussen gras
in de weide, die was
een frisse margriet,
maar bleef dat niet.
Ze kwam voor een raam
van een huiskamer staan.
Alleen, met een vaasje aan.
Han G. Hoekstra. Uit: Verzamelde gedichten. Querido, 1972.
Bovenstaand gedicht is gepubliceerd met toestemming vooraf van uitgeverij Querido

woensdag 24 juni 2015

Zilveren Griffel voor Doodgewoon

Als je nou eens niet kon sterven,
zou je dan op zwemles gaan?
Van de hoge duikplank duiken?
Zeilen zonder zwemvest aan?
Op de hoogste bergen klimmen?
Op de smalste richels staan?
Langs de diepste kloven lopen?
Was daar dan nog wel wat aan?

Als je nou eens niet kon sterven,
was vakantie dan nog fijn?
Zou je je nog steeds verheugen
op dat reisje met de trein?
Zou je van het strand genieten?
Van de zee, de zonneschijn?
Van de ijsjes, van de frieten?
Zou je dan gelukkig zijn?
Bette Westera. Uit: Doodgewoon. Illustraties Sylvia Weve. Gottmer, 2014.
Bette Westera wint met dit boek de Zilveren Griffel voor poëzie 2015.  

zondag 21 juni 2015

Vaderdag

Wat een vader doet
Moeders zijn goed in je hand vasthouden,
vaders in handen loslaten.

Vaders kijken zonen groot.
Vaders sturen kuilen op je af,
zagen zijwieltjes van je fiets.
Vaders kiezen hoge torens,
diepe beken
en takken die geniepig breken.

Maar
elke keer als jij verdwaalt,
elke keer dat je valt,
verdwaalt/valt een vader
tienduizend keer harder,
tot het overal in hem schroeit.

Totdat jij
groot,
groter,
allergrootst
voorgoed
boven zijn hoofd groeit.
Benny Lindelauf. Uit: Er zit een een feest in mij. Querido's Poëziespektakel 5. Querido, 2012.
Dit gedicht is geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

maandag 15 juni 2015

Ollebolleke van drs. P

Harteloos hitwezen
Eén geslaagd singletje
Wout zag zichzelf al, be-
roemd, in een slee

Eindigde echter als
Olieverversende
Norse benzinesta
tionsemployé.
Drs. P. Uit: Versvormen. Leesbaar handboek. De Stiel, 2000.
Drs. P introduceerde de 'ollekebolleke' in het Nederlands en maakte het beroemd. Eergisteren overleed hij. 

Een ollebolleke is een puntdicht van 2 x 4 regels.
Het metrum is de dactylus: drie lettergrepen, de eerste beklemtoond, de volgende 2 onbeklemtoond. 

Regel 1 is een motto, uitroep of verzuchting.
Regel 2 geeft het onderwerp aan.
Regel 6 bestaat uit één woord met de hoofdklemtoon op de vierde lettergreep.
Regel 8 rijmt op regel 4. 

Elke regel bestaat uit 2 dactyli, behalve regel 4 en 8, waar de laatste twee onbeklemtoonde lettergrepen wegvallen. De naam 'ollekebolleke' komt van het oude kinderversje:
Olleke bolleke
olleke bolleke
olleke bolleke
olleke bol.

Olleke bolleke
ollekebolleke
olleke bolleke
olleke bol.



maandag 8 juni 2015

Het allermoeilijkst

 © Milja Praagman
Echt moeilijk is
achterstevoren een heuvel ophuppelen.

Vooruit naar beneden
gevaarlijk makkelijk, bijna over de kop.

Vooruit heuvel op
trekt zwaartekracht aan je benen.

Het allermoeilijkst is
omlaagachterstevorenhuppelend.
Diet Groothuis. Uit: Waar ik ben. Illustraties Merel Eyckerman. De Eenhoorn, 2012.

donderdag 28 mei 2015

Te wakker om te slapen

Mamma, ik wil niet gaan slapen
ik ben zo bang dat ik dromen ga.
Dan droom ik weer net zoals gister
dan zit die krokodil mij achterna.
Dan wil ik weer hard voor hem vluchten
maar het lukt niet, ik loop door het zand,
ik kan hem achter mij al horen zuchten.
Maar dan is er met mij iets aan de hand,
al schreeuw ik het ook uit
mijn mond maakt geen geluid!
Daar werd ik wakker van
daarom kwam ik beneden mam.

Mamma ik wil eerst wat eten.
Ik ben zo bang dat ik dromen ga.
Zo'n droom die ik nooit zal vergeten.
Toen liep ik de bakker achterna
en toen had ik hem bijna ingelopen
ik kon vlak bij zijn wagen zijn.
Ik pakte, zijn karretje stond open
een taartje met room en marsepein.
Maar wat ik nou niet snap
al nam ik nog zo'n hap
ik proefde d'r niks van!
Heb jij nog wat te eten mam?

Mama ik wil niet gaan slapen
behalve dan als ik leuk dromen ga.
Maar vertrel eerst eens net zoals gister
iets moois, dat droom ik dan wel na.
Het hoeft niet over prinsjes of kastelen
maar iets spannends iets wat echt is gebeurd.
Of mag misschien even de tv aan
ik vraag maar, ik heb er niet om gezeurd.
Ik was alleen maar bang
van wat ikd romen kan
dus ik kwam even an.
Ik ben toch zo graag wakker mam.
Karel Eykman. Uit: Was ik zee. Tekeningen: Sylvia Weve. De Harmonie, 2014.

maandag 18 mei 2015

Mooi boek

© Joke van Leeuwen
Maan en aarde
de maan hoort bij de aarde
de aarde bij bestaan

bestaan is dat we leven
en door de dagen gaan

en dat we kleren dragen
behalve in het bad

en dat we moeten eten
dan worden we niet plat

en dat we soms verbaasd zijn
of blij of boos of bang

en dat ons hart blijft kloppen
ons hele leven lang

en dat dit weer een dag is
waarop we echt bestaan

bestaan op deze aarde
en onder deze maan
Joke van Leeuwen. Uit: Mooi boek. Querido, 2015.
Letters. Feestletters. 'Mooi boek' staat er vol mee. 
Letters zijn feestjes, zegt dit boek. Dat kunnen beginnende lezers natuurlijk niet vaak genoeg horen. Letters in allemaal verschillende alfabets, gemaakt van lenige mannetjes of van monstertjes of van foto's van voorwerpen die je overal op straat kunt tegenkomen maar die per ongeluk toch op een letter lijken, zoals een hijskraan, een bord eten of een paar bomen. 
Er is een terugkerend stripje over Vurkie en Lepeltje, die samen vraagstukken bespreken, zoals waarom de zon geen Flomp heet. 

Er zijn korte dierenverhaaltjes, gedichten, zoekplaatjes en combinatietekeningen van letters en voorwerpen. Er is van alles. Leuk, vrolijk en creatief. Maar ook chaotisch. 
© Joke van Leeuwen
Van sommige dingen vraag je je af waarom ze in het boek staan, en bij alles waarom het op die plek in het boek staat.
Daardoor komt, ondanks de fijne focus op letters, woorden, taal, de verzorgde uitgave, harde kaft en luxe meerkleurentekeningen, het boek niet helemaal uit de verf. Er is geen helder format, dit soort dierenverhalen doet Toon Tellegen beter, er hadden meer gedichten in gemogen en de raadseltjes komen raar uit de lucht vallen. 
Maar misschien denken de kinderen voor wie die boek bedoeld is daar heel anders over.
Leeftijd: 7+.
Bovenstaand gedicht is gepubliceerd met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.