maandag 8 februari 2016

Mensen met koffers

Mensen met koffers gaan over de wereld,
van oorlog naar vrede, van honger naar brood.
Vaak zijn ze niet welkom, dan moeten ze terug:
van voedsel naar honger, van leven naar dood.

Mensen met koffers, ze reizen per vliegtuig,
ze reizen per ezel, per trein of per vlot.
Ze vluchten voor machthebbers en hun soldaten,
voor beul of tiran, of een andere God.

De geur van het gras
dat je grootvader maaide,
het wuivende graan
dat je vader eens zaaide.

Het kleine verdriet
dat je moeder steeds suste,
haar haar dat zo kriebelde
als ze je kuste.

Dat alles was thuis,
dat alles en meer.
Dat alles en alles,
dat alles nooit weer.

Mensen met koffers gaan over de wereld.
Altijd op de vlucht naar de volgende grens.
Ze vluchten voor tovenaars, reuzen en heksen,
voor duivel en draak, die vermomd gaan als mens.
Sjoerd Kuyper. Uit: Alleen mijn verhalen nam ik mee. Leopold, 1998. 
Het gedicht is nu opnieuw uitgebracht op poster door uitgeverij Lemniscaat, het beeld is van Martijn van der Linden. De poster is te krijgen via boekhandels en uitgeverij Lemniscaat.

maandag 1 februari 2016

's Nachts verdwijnt de wereld

Winterbed
Met jou
is dit bed
een zee.

In de verte
deinen ijsschotstenen
die aan het einde van jouw benen
onder uit de dekens steken.

Daar meren mijn voeten aan.

Die warme scheepjes
mag je van me lenen
en om jou te helpen smelten
geef ik je een kus
met alle tien m'n kapitenen.
Jaap Robben. Uit: 's Nachts verdwijnt de wereld. Illustraties Merel Ecykerman. De Geus, 2016. 
In dit boek staan gedichten van Jaap Robben, van die prachtige half treurige, half dartele, blijmoedige gedichten die we van hem gewend zijn. 
Er staan nieuwe gedichten in, gedichten uit 'Zullen we een bos beginnen' en gedichten uit de tijd dat Robben stadsdichter van Nijmegen was. 
Na het lezen van voorgaande zin verwacht je dan een dikke bundel. Maar deze nieuwste dichtbundel is een bundelTJE, een klein, dun boekje. Wat jammer. Waarom niet wat langer gewacht en een kloek boek uitgebracht, met veel meer nieuw werk? Ook de eigenzinnige sfeerrijke tekeningen van Merel Eyckerman smaken naar meer,  

maandag 25 januari 2016

Een heel jaar Julia en Ot

Sneeuw of geen sneeuw
'Wanneer ga je sneeuwen, sneeuw?'
vraagt Ot, 'wanneer, wanneer
ga je eindelijk sneeuwen, sneeuw?
Zeg, val je nog een keer?

Ik wil zo graag weer sleeën, sneeuw,
en net als vorig jaar
een grote sneeuwpop maken
in de tuin, dus val nu maar.'

Ot kijkt naar de hemel,
maar geen vlokje laat zich zien.
'Vind je het te warm beneden?
Of ben je bang misschien?

Je hoeft heus niet bang te zijn.
Val maar rustig neer.
Een sneeuwvlok voelt geen pijn.
Vallen doet niet zeer.'

Maar de sneeuw laat zich niet zien.
Toch te warm?
Toch te bang?
Of gewoon geen zin misschien?
Elle van Lieshout en Erik van Os. Uit: Een dik jaar Julia en Ot. Illustraties Sandra Klaassen. Lemniscaat, 2015.
Een lekker dik voorleesboek met verhalen en gedichten over Julia en Ot:  in de lente, de zomer, de herfst en in de winter. Spannende verhalen en gedichten over vakantievieren op de camping, verkleden als jezelf, het Paaskonijn, ruziemaken, de ballonnenboef en de tanden- en de orenfee. En over logeerdromen en warme woefels. Wat? Warme woefels. Wat zijn dat? Dat zeg ik niet. Dan moet je het boek maar lezen. Ze zijn heel lekker, dat kan ik vast verklappen. 
Leeftijd 3+. 



donderdag 21 januari 2016

Hart

Toen hij er stond
wist ik het zeker:
mijn sneeuwman heeft een hart dat klopt.
Maar vanochtend werd ik wakker
en het vriezen was gestopt.
De sneeuw is nu verdwenen.
De winter is op reis.
En
dat hart dan?
Weggevlogen.
Als een vogeltje van ijs.
Edward van de Vendel. Uit: Superguppie is alles. Tekeningen Fleur van de Weel. Querido, 2014. 

maandag 11 januari 2016

Rond vierkant vierkant rond

"Poëzie is spelen met taal.
Ook als het ernst is.
Bijna alle beroemde dichters hebben een sonnet geschreven. Ik wilde er ook graag een maken. Een sonnet moet voldoen aan allerlei eisen.  Een belangrijke is dat het bestaat uit 
veertien regels die zijn opgedeeld in vier stukjes, strofen genaamd. De eerste en de tweede strofe tellen vier regels, de derde en vierde drie. Verder moet een sonnet rijmendat is als twee woorden dezelfde klank hebben, zoals woorden en hoorden.

Zo'n gedicht maken vond ik lastig. Kon het niet makkelijker? Ineens kreeg ik een idee. Ik schreef:
rond
vierkant
vierkant
rond

driehoek
ovaal
ovaal
driehoek

rechthoek
rechthoek
ruit

ruit
ruit
rechthoek
Gelukt! Ik had een sonnet geschreven...Maar toen ik langer naar mijn sonnet keek dacht ik: ik kan dat laten lezen, maar ik kan het ook laten zien. En dat deed ik dus."
Zo begint het oergeestige nieuwe boek van Ted van Lieshout 'Rond vierkant vierkant rond'. Het staat tjokvol beeldsonnetten van dropjes, dobbelstenen, fietsbellen, dode wespen en wasknijpers. Er staan stoepkrijtsonnetten, waxinelichtcupjessonnetten en beeldgedichten in van zowel volwassenen als leerlingen van basisscholen. Er staan nieuwe gedichten in en grappige anecdotes. 
Maar voorál staat er heel goed in uitgelegd hoe je gedichten schrijft en wat je daarvoor aan materiaal en kennis nodig hebt. Hoe het heet als een regel in een gedicht afbreekt, die in een verhaal gewoon zou doorlopen. Hoe je kunt zien of iets een verhaal of gedicht is. 
Alles gelardeerd met eenvoudige, vaak grappige, voorbeelden, omkranst door prachtige foto's. 
Tegen het eind van het boek krijgen we een voorbeeld van 'Gedichten zonder woorden': dingen die zo onzegbaar zijn dat er geen woorden voor bestaan, met een foto en twee beeldgedichten van Ted van Lieshouts fijnste, gescheurde, versleten broek.
Niemand anders dan Ted van Lieshout had dit  originele, prachtig verzorgde, ongewone, lekkere kijk-, lees-, leer- en beleefboek kunnen maken. Heel geschikt ook voor poëzielessen in de bovenbouw van de basisschool en de onderbouw van de middelbare school.
Ted van Lieshout. Rond vierkant vierkant rond. Leopold, 2015. Leeftijd: 9+.

maandag 4 januari 2016

De blauwe vinvis

Er was eens een kind dat een boek van
de plank pakte en begon te lezen...

Hij las dat de blauwe vinvis een
gigantisch groot en sterk zoogdier is;
het grootste wezen op onze planeet.
Een blauwe vinvis kan wel 30 meter lang worden.
Dat is net zo lang als een vrachtwagen, een
graafmachine, een boot, een auto, een fiets, een
motor, een busje en een tractor achter elkaar.

Het hart van de blauwe vinvis is groter dan dat
van ieder ander dier. Het heeft de afmeting van
een kleine auto en weegt bijna 600 kilo.
...
Het gehemelte van de bek van een blauwe
vinvis is bekleed met wel 300 tot 400
baleinplaten, die uit een zwart nagelachtig
materiaal bestaan. Zijn tong weegt 2.700 kilo
en zijn bek is zo groot dat er 50 mensen in
kunnen staan. Gelukkig eet een blauwe vinvis
geen mensen.
Jenni Desmond. Uit: De blauwe vinvis. Lemniscaat, 2015. Vertaling: Jesse Goossens.
Als je nog niet van blauwe vinvissen houd, ga je dat onmiddellijk doen na het lezen van dit boek. Wetenswaardigheden over dit unieke zoogdier komen op een prettige, intelligente manier aan bod, onder andere door het introduceren van het hierboven genoemde jongetje, dat leest over de blauwe vinvis en dat op elke pagina terugkomt in de sterke en poëtische, maar geen moment onheldere, tekeningen. Fijn nonfictieboek voor wie graag over dieren en natuur leest. Leeftijd 4+.


maandag 28 december 2015

Kalfje, veulentje

Kalfje, veulentje,
net geboren.

Slijm in hun bekje
en ogen en oren.

De dierenarts wrijft
ze droog. Met stro.

Hun moeders likken
en likken. En zo,

zo staan ze op.
Het lukt maar net.

Eventjes lijken ze
een bouwpakket:

kalfje, veulentje,
van stokjes gemaakt.

Totdat hun neus
hun moeder raakt,

totdat ze zuigen.
Melk. Zoet.
...
Edward van de Vendel. Uit: Kalfje, veulentje. Tekeningen Marleen Felius. De Eenhoorn, 2015.
Iedereen die de naam Marleen Felius heeft horen vallen, kent haar fenomenale, intieme portretten van koeien, waarmee ze meerdere prijzen won en wereldwijd erkenning oogstte.
In dit boek portretteert ze het begin van koe en paard: de ontroerende wording van verward  hoopje botten en vel tot glanzend, dansend dier. Haar markante tekeningen en de uitgebeende teksten van Edward van de Vendel passen zo goed bij elkaar dat je je afvraagt waarom dit boek nu pas gemaakt is.
Een geweldige aanrader voor iedereen die van koeien houdt, of van paarden of van dieren in het algemeen. Of van krachtige portrettekeningen of simpelweg van mooigemaakte boeken.




woensdag 9 december 2015

Zoenen met een selfie

Stilleven
Vaas met snor

Ik ben stil leven in een stilleven.
Je ziet mij zonder mij te zien.
Ik ben zichtbaar onzichtbaar.
Vind je me niet?
Ik sta ergens tussen schaal, tafel en vis.

Ik ben de vaas met een snor,
de vaas met een pels,
de ogen in vacht,
de zwarte poes van steen.

Net als de schaal, de tafel
en de vis ben ik wel stil
leven, maar ben ik niet dood.
Ik ben een lenige, onbeweeglijke beweger.
Zie je de vissen?
Heb je ze geteld?
Hou ze in het oog.

Zoals een gong naklinkt als je er op slaat, leven wij dingen in een stilleven nog lang na wanneer we zijn geschilderd.
Ruik je niet in  de vis nog de zee?
Voel je niet in de schaal nog het vuur van de oven?
Hoor je niet in het hout van de tafel nog het hakken van de boom?
Merk je niet in mij de honger naar de vis?

De vette vis
de lekkere vis
de platte vis
de roze zalm en de kabeljauw.
...
Frank Adam. Uit: Zoenen met een selfie. Illustraties Bert Dombrecht. De Eenhoorn, 2015. Negen kunstwerken uit het Groeningemuseum en het Sint-Janshospitaal in Brugge, omlijst  met dichterlijke teksten en stripachtige tekeningen. Teksten en tekening brengen de oude schilderijen naar het nu, zodat je ze bijna kunt voelen en  beter naar ze gaat kijken, Achterin het boek staat een toelichting op de kunstwerken. 

maandag 30 november 2015

De zee zien

Ik stond beneden en keek hoe Jan zingend tegen de schoorsteenpijp
omhoogklom. Op het hoogste punt zwaaide hij,
triomfantelijk. Hij riep nog iets, ik kon niet goed verstaan
wat, - 'Ik heb de zee gezien!', zou hij dat hebben geroepen?
- en toen is hij gevallen en ben ik naar huis gerend: er is
niets gebeurd, er is niets gebeurd.
Koos Meinderts. Uit: De zee zien. De Fontein, 2015. 
Een rauwe jongensvriendschap, een eerste liefde, een nooit geopenbaard geheim: een spannend boek schrijven in de mooist denkbare taal kun je rustig aan Koos Meinderts overlaten. Elke zin doet ertoe, elk woord is afgewogen, het is te merken dat hier een dichter aan het woord is.
Het boek, dat gebaseerd is op een waargebeurd verhaal, wordt gepromoot als jongerenroman. Maar wat mij betreft zou het evengoed ook voor volwassenen kunnen zijn.

maandag 23 november 2015

Het lied van de blauwe pinguïn

Ver weg in het zuiden
werd een blauwe pinguïn geboren.

Een blauwe pinguïn
zie je niet elke dag.

'Ben jij wel een echte pinguïn?'
vroegen de andere pinguïns.
'Ik voel me een pinguïn,' zei Blauwe Pinguïn.

Blauwe Pinguïn
deed alles wat de
andere pinguïns
ook deden.

Hij kon niet heel
erg goed duiken
of springen

maar hij ving altijd een grote vis.
'Ik zei toch dat ik een pinguïn ben,'
zei Blauwe Pinguïn.

'Maar je bent niet zoals wij,
zeiden de andere pinguïns
en ze liepen weg.
Peter Horácek. Uit: Het lied van de blauwe pinguïn. Lemniscaat, 2015.
Uiterst actueel boek over uitsluiting en vriendschap. Ongelooflijke, prachtige tekeningen. Leeftijd: 3+