zaterdag 31 december 2011

Tijd

Als tijd niet echt bestond
dan kon je nooit te laat zijn
dan moest je niet zo rennen
voor die allerlaatste trein

Als uren er niet waren
en jij lag nog in bed
dan kon je nog wat snoezen
geen wekker was gezet.

Als tijd van geen belang was
of 'straks' en 'vlug' of 'even'
dan zouden heel wat mensen
weer rustig kunnen leven.
Raf Missorten. Uit: Een potje tijd. Illustraties Saskia Daniëls. Bakermat, 2007.

donderdag 29 december 2011

Eindejaarsuitverkoop

Ik kocht vandaag een godje
een godje van steen
het stond daar
op een afdankplankje
helemaal alleen
in goudpapier gewikkeld
ging het godje in mijn tas
want met die shitzooi
op de wereld
komen godjes
goed van pas.
Elle van Lieshout en Erik van Os. Uit: Zwemmen met je kleren aan. Scheurkalender jeugdpoëzie, 22 december 2011. Van Gennep, 2010.

maandag 26 december 2011

Vrolijk kerstfeest 2




Denk nou niet :"Ik ben te min, mijn leven heeft geen zin.",
Want de kerst-klok luidt ook voor zo'n ei als jij.
Ook al ben je bajesklant, of van de verkeerde kant,
tegen eind december hou ik ook van jou.

Van Japan tot aan Yokohama, in Laos, India en China.
Maar ook alle Aziaten, vrienden van elkaar.
Op de aarde zijn miljarden mensen,
om van het dubbele nog maar te zwijgen.
Vrede kinderen samen, mensen waarom ?

Blank of bruin of mongool, WAO-er of creool,
wij zijn allemaal gelijk als het ware.
En al zijn je hersens klein, dat is niet erg want zalig zijn,
alle armen van geest en de benen van vrouw van der Leest.

Van Japan tot aan Yokohama, de Tibetanen met de Dalai-Lama.
Maar ook alle Aziaten, vrienden van elkaar.
Op de aarde zijn miljarden mensen,
om van het dubbele nog maar te zwijgen.
Vrede kinderen samen, mensen waarom ?

Buiten tiert de vrede welig, hier in huis worden wij melig,
van de liefde die nu heerst in ons gezin.
In de krant oorlog en ruzie, op TeeVee weer een discussie,
over zelfmoord, waar geen touw aan vast te knopen valt.

Van Japan tot aan Yokohama, op een kampong ergens op Java.
Maar ook alle Aziaten, vrienden van elkaar.
Op de aarde zijn miljarden mensen,
om van het dubbele nog maar te zwijgen.
Vrede kinderen samen, mensen waarom ?
Herman Finkers. Uit: 'Kroamschudden in Maria-Parochie'.

zaterdag 24 december 2011

Kerstavond

De heer zij met u
En mocht
de Heer niet met u zijn
wendt u zich tot een dame
of tot indien u wenst een kind
tot Iets waar u zich meer in vindt
de dingen met of zonder namen
een mus een meesje in een boom
een zijden draadje of een droom
sinds lang die afspraak samen
de wens die u bewaarde
de hemel of
de aarde.
Elle van Lieshout en Erik van Os. Uit: Zwemmen met je kleren aan, scheurkalender met jeugdpoëzie, 24 december. Van Gennep, 2010.

donderdag 22 december 2011

Lekker kerstvakantieboek: Mee met Aeneas

Zoek het moederland waar je voorouders werden geboren,
edele prins. De grond die hen voortbracht zal aan haar gulle
boezem het oude ras dat zij eerder koesterde voeden
en het huis van Aeneas zal de wereld regeren,
van generatie op generatie op generatie.
Imme Dros. Uit: Mee met Aeneas. Tekeningen Harrie Geele. Querido, 2008.
Arion is zanger en woont in Troje. Ook zijn vader is zanger, en zijn overleden broer was het ook. Zijn geboortestad Troje is in een eindeloze oorlog met de Grieken verwikkeld zonder dat het einde in zicht komt. Op een dag mag Arion in het paleis komen zingen. Bijzonder. Nog bijzonderder is dat prinses Kassandra een geheim afspraakje met hem maakt. Jammer genoeg niet voor de gezelligheid. Ze wijst hem een geheime vluchtgang uit de stad en laat hem beloven dat hij daar meteen naartoe zal gaan zodra de Trojanen hun eigen  stadspoort uit de muur halen. Arion begrijpt er niets van maar belooft te doen wat ze vraagt.
Vader-en-zoonproblemen, een vlucht door een geheime tunnel, een lange avontuurlijke zeereis, honger, dorst, moeders, geliefden, verraad: alle ingrediënten voor een spannend verhaal  vind je in dit boek. Hervertelling van het beroemde boek over Aeneas van de Romeinse schrijver Vergilius, door meesterverteller Imme Dros die eerder de verhalen van Homerus nieuw leven inblies.

maandag 19 december 2011

Maandagochtend halfzeven

Het was zo'n gedicht
waarvan ik dacht

daar heeft de dichter
maanden over nagedacht

maar maandagochtend
halfzeven is hij even
opgestaan

heeft wat woorden
opgeschreven en is weer
terug naar bed gegaan.
Erik van Os. Uit: Koe en daarmee koe. Illustraties Piet Grobler. Lemniscaat, 2008.

donderdag 15 december 2011

Als de bomen straks gaan rijden

Wáárom waarom?
Waarom hebben kikkers
nergens haar
en mensen wel?
(Hier en daar.)

Waarom hebben mensen
billen maar geen staarten?
Waarom hebben mama's
borsten maar geen baard?

Waarom staat
mijn neus niet
op mijn buik?
En kan ik niet
hóren wat ik ruik?

Waarom heten wangen
'wangen' en niet 'bips'?
Waarom heeft mijn mond,
mijn hoofd geen rits?

En waarom vraag ik
alsmaar weer waarom
als ik over iets begin?

Wáárom waarom,
klinkt dat nu heel slim?
Of oliedom?
Frank Adam. Uit: Als de bomen straks gaan rijden. Illustraties Milja Praagman. De Eenhoorn, 2011. Leeftijd 5+.
Een nieuwe bundel met kindergedichten: dat is een aangename verrassing. Niet veel uitgevers durven nog jeugdpoëzie uit te geven; de Eenhoorn, die in het verleden naam maakte met rijk geillustreerde boeken met kindergedichten, steekt zijn nek uit. 
Het is een kloek boek met harde kaft, 86 gedichten en kleurige, strakke tekeningen. De hier en daar knotsgekke gedichten van Frank Adams, duizendpotig schrijver van theater- en operateksten, romans, poëzie, fabels en liederen voor kinderen en volwassenen, gaan over alles wat zich in een kinderhoofd afspeelt, van borende waarom-vragen tot grappigscherpe, beetje pijnlijke observaties van ouders en zussen en lekkere viezigheid zoals in het gedicht 'Tien dingen naar keus die je kunt doen met dingen uit je neus' en 'Jeukt de jeuk die jeukt in jou net zoals de jeuk die jeukt in mij?'.  Veel kinderen zullen omrollen van het lachen van deze gedichten.

maandag 12 december 2011

Steen

Er zat een steentje
in mijn schoen
zo eentje
dat net zolang
lastig blijft doen
tot je dan uiteindelijk stilstaat
en het er uiteindelijk
uithaalt

jij vond er
niets meer aan
te doen

een laatste woord
een laatste zoen

ik was zo'n steentje
in jouw schoen.
Erik van Os. Uit: Ik was zo'n steentje in jouw schoen. Gedichten over liefde. DiVers, 2001.

woensdag 7 december 2011

zand

als je achtentachtig wordt
en je spaart vanaf je vierde
al je slaapzand
elke dag een halve gram
dus drie en een halve gram per week
dan veeg je toch maar zo
ruim vijftien kilo uit je ogen.
Hans Hagen. Uit: 27 oktober. Zwemmen met je kleren aan. Scheurkalender voor Jeugdpoëzie. Samenstelling Karel Eykman en Ineke Holzhaus. Van Gennep, 2010.

maandag 5 december 2011

Cadeautje

Hoe moet een cadeautje zich gedragen?
Als een geheim.
Als een pakketje met vragen.
Als iets stiekems,
als een raadsel
met een strik en een lusje.
En vooral
als iets voor mij
en niet voor mijn zusje.

(Sint,
ik vind
dat ik u dit moest laten weten.
Want vorig jaar was u het
denk ik
een beetje
vergeten.)
Edward van de Vendel. Uit: Hoera voor Superguppie. Tekeningen Fleur van de Weel. Querido, 2010.
Dit gedicht is geplaatst met toestemming vooraf van uitgeverij Querido.

vrijdag 2 december 2011

Het roodborstje aan het venster

Het roodborstje pikt aan het venster: tin! tin!
en zegt: Ach, doe open en laat mij er in.
Doe open, lief meisje, 'k weet anders geen raad,
Zo sneeuwt en zo waait het hier buiten op straat.
Ik sterf van de koude, toe, laat mij er binnen,
'k Zal zoet zijn en allerlei grapjes beginnen.

Het meisje deed open en gaf, op haar schoot,
Aan 't roodborstje suiker en kruimeltjes brood.
Wat was toen het vogeltje vrolijk! - het sprong
En danste op haar schouder, het piepte en het zong,
Het vloog van de tafel de kamer in 't ronde,
En dankte 't lief meisje, zo goed het maar konde.

Maar toen het daar buiten zo koud niet meer was,
En 't zonnetje scheen, zat roodborstje voor 't glas.
Het speelde niet langer, maar keek door de ruit,
En piepte zo droevig, als wou het er uit;
Het meisje deed open; wip! vloog het daarhenen,
En was een, twee, drie, in de bomen verdwenen.
J.J.A. Goeverneur (1809-1889). Uit: De Nederlandse Kinderpoëzie in 1000 en enige gedichten. Verzameld door Gerrit Komrij. Prometheus, 2007/Fabelen en gedichtjes. (Goeverneurs Fabelboek). Met 24 plaatjes naar Otto Erelman. Leeuwarden, z.j. (Eerste druk 1835).